NIEUWEWEGENGGZENOPVANG

Doen wat nodig is – Samenwerkingsprincipes van gemeenten en betrokken organisaties

Wat de wereld van de maatschappelijke opvang zo boeiend maakt, is de wijze waarop al die gemeenten in Nederland met alle organisaties op het vlak van de opvang van mensen zonder dak boven hun hoofd, het proces inrichten. In Almelo is een integrale aanpak succesvol doordat de verschillende samenwerkingspartners elkaar weten te vinden in de basis: goed met elkaar samenwerken.

almelo

Samenwerkende partijen

Bert Deliën is directeur – bestuurder van Humanitas Onder Dak, een zelfstandige werkmaatschappij van de landelijke Humanitas-organisatie. Erwin Derksen is senior adviseur sociaal domein van de gemeente Almelo, een centrumgemeente met taken voor zes omliggende gemeenten. Derksen is daardoor tevens coördinator centrumgemeenten maatschappelijke opvang. Humanitas Onder Dak, de gemeente Almelo, Tactus voor verslavingszorg, Dimence voor GGZ-zorg en Leger des Heils (eveneens opvang) hebben met elkaar een ambitiedocument getekend. Titel: Innovatieopgave Maatschappelijke Opvang 2017.

De partijen vinden elkaar om te beginnen in een gedeeld gedachtengoed; de basis voor hun samenwerking. Derksen wilde in Almelo integraal beleid zien door alle organisaties die zich met de opvang van mensen op straat bezighielden. Het doel was mede voorkomen dat mensen dure zorg aanvragen. Dan hebben we het over de ‘zorgwekkende zorgmijders’: mensen die op straat leven en zoveel mogelijk uit het zicht van organisaties en hun hulpverleners (proberen te) blijven. In Almelo zo’n 40 in totaal. Ze zijn inmiddels allemaal in beeld bij de samenwerkende organisaties. Maar daar is wel een proces van een paar jaar aan voorafgegaan.

Gedeeld gedachtengoed

Erwin Derksen

Derksen kijkt vanuit de psychologische basisbehoeften, ontleend aan de positieve psychologie, naar de Almelose maatschappij. Wat maakt mensen gelukkig? Dat zij een bepaalde mate van autonomie ervaren, dat er een beroep wordt gedaan op hun competenties en dat ze goed sociaal verbonden zijn. Dat is universeel, zegt Derksen. “Het is bewezen dat als aan die voorwaarden is voldaan, mensen gelukkiger zijn. Je kunt te maken hebben met schuldenproblematiek of geen dak boven je hoofd hebben, maar die psychologische basisbehoeften zijn het belangrijkste.”

Bert Deliën

Bert Deliën vertelt dat de opvang van Humanitas Onder Dak eenzelfde soort paradigma hanteert, die van de herstelgerichte opvang, waarnaar bij de Academische Werkplaats Opvang & Herstel, gelieerd aan de Radbouduniversiteit in Nijmegen, onderzoek wordt gedaan. Daarbij horen: een eigen inkomen verwerven, werk hebben dat er toe doet, een sociaal netwerk hebben; het zou een verbijzondering van de positieve psychologie kunnen zijn: “Omdat niet iedereen op straat deze uitdagingen direct aankan, moet je deze mensen meestal eerst richting zorg zien te krijgen. Daarom zijn verschillende inloopfaciliteiten in de stad nodig.”

Humanitas en de gemeente Almelo vinden elkaar dus in een gedeeld gedachtengoed en met hen de andere partners in het project, Dimence (GGZ), Tactus (Verslavingszorg) en Leger des Heils (eveneens opvang). En dat gedeelde gedachtengoed vindt nu zijn weg naar een gemeenschappelijke werkwijze voor de opvang van daklozen. Dozenprojecten, stoelenprojecten, daar moeten Deliën en Derksen niks van hebben. Word je gelukkig van een doos op straat om in te slapen? – vraagt Deliën retorisch; “Nee, dus moet je daar niet je pijlen op richten.” Wat wel het doel is? Een stapje zetten richting die autonomie, dat beroep op je talenten en een sociaal netwerk. En welke van de organisaties daaraan bijdraagt en opvang regelt voor deze cliënt? Dat is niet belangrijk.

Lees meer over het project Woonarrangementen dat de partijen samen in het kader van het programma Nieuwe wegen ggz en opvang uitvoeren.

Handelen

Belangrijk is dát het gebeurt. Iedere organisatie vanuit de eigen expertise. Als een van de eerder in kaart gebrachte 40 mensen die op straat leven in Almelo en omstreken wordt gesignaleerd, gaat er onmiddellijk een mail uit naar de aangesloten organisaties. Binnen een paar uur is geregeld wie er optreedt. Het maakt dan niet uit of iemand op dat moment dronken is of psychisch niet in orde, waar de cliënt dus op basis van zijn toestand van dat moment zou thuishoren. Kissebissen over waar een cliënt thuishoort, doen ze allang niet meer in Almelo. “Handelen moet je,” zegt Deliën. “Daarna kijken we in Twente wel wat we nog glad moeten strijken.”

Hoe lang krijgen mensen een tweede kans? Of een derde, of een vierde? Altijd weer, zeggen beide mannen. Anders doe je als organisatie in de opvang niet je plicht; daar ligt je bestaansrecht. En ook als maatschappij heb je die plicht, zeggen beiden onomwonden. Mensen die geen verantwoordelijkheid kunnen dragen voor zichzelf, daarvoor zul je als maatschappij die verantwoordelijkheid moeten overnemen. Maar het vertrekpunt is wel dat iedereen de autonomie en het zelfbeschikkingsrecht over het eigen leven moet kunnen dragen. Vergeet niet dat we te maken hebben met een groep mensen met een geschiedenis, zegt Derksen. “Meestal een laag IQ, mishandeling, verslaving, en een heel leven achter zich.” Deliën: “Het is een onderdeel van de maatschappij; niet het afvalputje of de opvang onder de maatschappij maar een deel waarvoor je met elkaar verantwoordelijk bent.”

Mensen op straat-overleg

Dat deze 40 mensen in beeld zijn, komt door het MOS-overleg, het mensen op straat-overleg. Met mensen uit de samenwerkende organisaties bespreken ze dan de verschillende ‘casussen’. Mensen heten niet langer ‘schreeuwende vrouw’, maar bijvoorbeeld ‘Marie die stemmen hoort’. Nu zijn de samenwerkende organisaties bezig aan stap 2: hoe kunnen ze ervoor zorgen dat mensen vanuit de opvang weer zelfstandig kunnen wonen, al dan niet met begeleiding en hoe voorkomen ze dan dat mensen in de opvang terugkomen. Intraval, een bureau voor sociaalwetenschappelijk onderzoek, is bezig met het bevragen van al die mensen die in de opvang dreigen te komen of er al gebruik van maken. Wat wil je eigenlijk? – dat is de centrale vraag. Een eigen woning is voor velen een droom. Dat is om meerdere redenen lastig. Mensen die het voor elkaar krijgen, verliezen dat huis vaak weer als ze geen huur betalen.

Woningcorporaties hebben drie belangen. Dat bewoners geen overlast veroorzaken, dat ze de huur betalen en dat de woning heel blijft. Dan is het belangrijk dat er een aanspreekpunt is voor als een van deze voorwaarden een probleem is. Zodat er begeleiding is van de bewoners van de huurwoning. Begeleiding die zorgaanbieders via de WMO kunnen bieden.  Dan krijgt een bewoner voor een half jaar begeleiding en moet het vervolgens zelf kunnen. Dat werkt natuurlijk niet. Na een half jaar is die persoon meestal niet de gedroomde zelfstandigheid eigen. ‘Opvang’ en ‘wonen’ moeten om die reden geen gescheiden afdelingen zijn bij gemeenten. Ook hiervoor is integraal beleid nodig. Maar binnen gemeenten zijn opvang en wonen vaak wel gescheiden afdelingen. Gemeenten hebben last van verkokerde pilaren.

Interview door Ellen Kleverlaan

Dit is deel 1 van een twee-luik over de werkende samenwerkingsprincipes in Almelo. Lees in deel 2 wat de samenwerkingspartners nodig hebben om samen te kunnen werken en leer van de tips van Bert Deliën en Erwin Derksen.

Meer weten


Geplaatst op: 5 juli 2017
Laatst gewijzigd op: 19 juli 2017