NIEUWEWEGENGGZENOPVANG

Samenwerking op de kaart – VNG

Op donderdag 14 september 2017 vond de masterclass over Duurzame financiering plaats. VNG en zorgverzekeraars vertelden vanuit hun perspectief over duurzame financiering. Nynke van Zorge – Beleidsadviseur VNG, Directie Integratie & Participatie en Stefanie Noorlandt – Projectleider Ondersteuningsprogramma Opvang en Bescherming VNG gaven een presentatie over de inventaristie van samenwerkingsverbanden.

VNG en Zorgverzekeraars Nederland hebben een samenwerkingsagenda. Om in kaart te brengen welke samenwerkingsprojecten er zijn, heeft VNG onderzoek gedaan en samenwerkingskaarten opgesteld. Wat zijn samenwerkingskaarten? Kaarten waarop de samenwerking in beeld is gebracht, op een aantal verschillende onderwerpen.

Sinds de transities in de langdurige zorg is het noodzakelijk dat de verschillende financieringsstromen elkaar weten te vinden en dat er (nog meer) samenwerking ontstaat tussen zorgverzekeraar en gemeenten. Het idee is dat er (te) weinig gebeurt, maar is dat wel zo?

Inventarisatie samenwerkingsverbanden

Een extern bureau heeft de opdracht gekregen om een uitvraag te doen bij alle zorgverzekeraars, in alle regio’s en in alle gemeenten. Dat was in mei/juni 2017. De inventarisatie is dus een momentopname. Centrale vraag was met wat voor een projecten men bezig is. Op alle niveaus en op alle onderwerpen. Een enorm databestand met initiatieven en samenwerkingsverbanden is het resultaat. Hoe is deze lijst geordend?

  1. Naar samenwerkingsvorm (intensiteit) van ontwikkelproject tot daadwerkelijke samenwerkingsafspraken
  2. Inhoudelijk (welke thema’s: preventie, ggz etc.)
  3. Instrumenteel (beleid, inkoop etc.)
  4. Geografisch: van gemeente tot bovenregionaal.

Bekijk de Presentatie Samenwerking op de kaart – VNG op Slideshare met een aantal van de resultaten.

Enkele opmerkingen:

  • Het totaal aantal projecten kleurt heel Nederland blauw. Er gebeurt dus al veel.
  • Opvallend is dat de projecten van de vier grote zorgverzekeraars vier respectievelijke gebieden in Nederland kleuren.
  • Als we inzoomen op welke thema’s wordt samengewerkt: ouderen – ggz – jeugd: dan is duidelijk dat er vooral veel gebeurt op het thema ouderen. Daarna ggz en daarna jeugd. Is ook een kwestie van labelen, licht Nynke toe. Men mocht een project maar bij één thema indelen. Het kan bij ‘preventie’ bijvoorbeeld dus om verschillende doelgroepen gaan.
  • Qua intensiteit: er zijn veel ontwikkelprojecten. Er zijn weinig projecten in het stadium van samenwerken. Veel projecten zijn in de opstartfase.
  • Instrumenteel: meeste projecten vinden plaats binnen de lokale werkpraktijk.

Andere feitelijkheden:

  • Er is niet veel samenhang tussen projecten.
  • Grote gemeenten lopen voorop. Is niet verrassend: ook de zorgverzekeraars zijn gericht op het gebied met het grootste marktaandeel.

Interessant is natuurlijk wat de redenen zijn van het beeld dat opstijgt uit de samenwerkingskaarten. Het in kaart brengen was geen doel op zich, nu moeten de partijen met elkaar in gesprek. Waarom zijn bijvoorbeeld de meeste projecten op ouderen gericht? En waarom de minste op jeugd? En: heel veel ontstaat lokaal, dat maakt het lastiger om een structurele inbedding van een project te realiseren. Juist de lokale praktijk is situationeel en contextafhankelijk. Zie dan maar eens een structurele financiering via een zorgverzekeraar te krijgen. Dat is heel lastig te veralgemeniseren. De 598 gemeenten kunnen niet allemaal om de tafel met de zorgverzekeraar. Dus de zorgverzekeraar ziet graag dat gemeenten met dezelfde soort projecten, liefst in dezelfde regio, het gesprek met de zorgverzekeraar aangaan. Dat adviseert de VNG ook: op regionaal niveau het gesprek voeren met de zorgverzekeraar(s). Dan maak je veel meer kans op financiering.

25 projecten samenwerking met de GGZ

Er zijn bij de Masterclass wel enkele gemeenten die al om de tafel zitten met de zorgverzekeraar, maar de frustratie is dat het bij praten blijft. De gemeenten zouden zo graag afspraken willen maken. Vanuit het publiek komt ook de boodschap dat met elkaar aan tafel zitten (verslavingszorg, cliëntenorganisaties, wijkteams) stap 1 is, maar daarna elkaars taal leren spreken, is een stap 2 die je niet zomaar meteen neemt. Dit proces is de helft van het werk.

Iets dergelijks geldt voor een hoofdlijnenakkoord; iedereen zit aan tafel, maar hoe ga je dat lokaal vertalen/uitrollen? De systeemwereld en de burger moeten zo snel mogelijk één taal leren spreken. Twee voorbeelden:

  • IPS (Individuele Plaatsing en Steun) – werk als medicijn: is begonnen in Amsterdam met ondersteuning van het Zilveren Kruis. Is lokaal veel werk van gemaakt en kan nu landelijk uitgerold worden.
  • De EPA-taskforce is aangejaagd door de zorgverzekeraar.

Werkwijzer

Wat zou je willen in de toekomst? Er is een werkwijzer ontwikkeld om de doorstroom van het medische naar het sociaal domein te vergemakkelijken/begeleiden. Samenwerking tussen de organisaties is hoe dan ook noodzakelijk. En: je wilt al bij de instroom aan de uitstroom denken. Je wilt dat opname niet die harde scheiding in een continuüm dat het leven is, is. Dat vraagt een heel scherpe regie en verantwoordelijkheidsverdeling.

De werkwijzer is niet meer dan een spoorboekje. Er zijn al gemeenten waar de doorstroom in kaart is gebracht. Vaak kent men de persoon die wordt opgenomen ook al; het gebeurt meestal niet als er niet al een geschiedenis met deze mens ligt. Belangrijk is evenwel dat alle partijen binnen een gemeente betrokken zijn. Van GGZ tot woningcorporaties. Daarvoor kan de werkwijzer een rol spelen. En zeker als de doorstroom stokt; wie betaalt dan het dure bed?

Verslag door Ellen Kleverlaan

Samenwerking zorgverzekeraars en gemeenten in kaart gebracht
Op welke gebieden (ouderenzorg, ggz, preventie etc.) en hoe werken gemeenten en regio’s met zorgverzekeraars samen aan de verbinding van het sociaal en het medisch domein? De VNG en ZN brachten, met hulp van adviesbureau AEF, samenwerkingsprojecten en -afspraken in beeld via ‘samenwerkingskaarten’. De samenwerkingskaarten zijn een hulpmiddel bij het gesprek over de huidige samenwerking en het maken van weloverwogen keuzes over de toekomstige samenwerking. Tot nu toe onbrak een landelijk overzicht van de feitelijke samenwerking, de kaarten laten zien dat er al veel gebeurt.

Meer weten


Geplaatst op: 26 september 2017
Laatst gewijzigd op: 18 oktober 2017